Uit Boekstaven Beleidsjaarboek
Inhoud |
1. DAC-normalisatie
Het DAC-decreet van 7 mei 2004 geeft een wettelijke onderbouw aan de regularisering van DAC-werknemers in de culturele sector en stelt een verdere normalisering in het verschiet.
Met de regularisering van de DAC’ers in 2002 kregen de betrokken werknemers een normaal arbeidsstatuut en werden zij voortaan minimaal verloond op basis van de vigerende loonschalen in de sociaal-culturele sector.
De normalisering houdt volgens het decreet in dat vanaf de start van de volgende beleidsperiode (die ingaat op 1 januari 2011) de toewijzing van een aanvullende tewerkstelling in de sector moet verlopen op basis van objectieve parameters. Dit creëert de mogelijkheid dat organisaties die in het verleden DAC-personeelsleden tewerkstelden eventueel personeel moeten inleveren en dat andere organisaties dan weer middelen zullen toegekend krijgen.
Van uitstel naar uitvoeringsbesluit
Op 7 mei 2009 bezorgde de administratie (IVA Sociaal-Cultureel Werk) een rondschrijven over deze DAC-normalisering aan alle erkende en/of gesubsidieerde organisaties. Dit schrijven baseerde zich op het herverdelingsvoorstel dat in 2008 door FOV en de sociale partners aan toenmalig Cultuurminister Bert Anciaux was overgemaakt. In deze brief werd nog meegedeeld dat de inhoud ervan in de daaropvolgende maanden zou opgenomen worden in een besluit van de Vlaamse regering.
Het rondschrijven gaat uit van de opstart van de procedure op 1 april 2010 en het eerste beslissingsmoment voor 30 juni van hetzelfde jaar. Ondanks aandringen van de FOV, laat het uitvoeringsbesluit echter op zich wachten. Op 31 maart 2010 stuurt de minister een mededeling aan de organisaties uit het sociaal-cultureel volwassenenwerk. Hierin meldt ze dat de normalisatie uitgesteld wordt tot ten vroegste 2012, waarbij zij zich beroept op drie moeilijkheden: een technisch euvel voor de verdere uitvoering, de vaststelling dat er te weinig DAC-middelen in de begroting ingeschreven staan en het ontbreken van een uitvoeringsbesluit.
Op 8 juni 2010 vindt op het kabinet van minister Schauvliege een formeel overleg plaats met de FOV over een voorontwerp van uitvoeringsbesluit. Hieruit blijkt een engagement om de herverdeling effectief op 1 januari 2012 te laten plaatsvinden. Het voorlopig ontwerp van uitvoeringsbesluit gaat uit van een vast contingent van DAC-functies van waaruit deze herverdeling zou gebeuren, namelijk 235,3 voltijdse equivalenten. In oktober 2010 keurt de Vlaamse regering echter een voorontwerp van programmadecreet goed waarin is bepaald dat voortaan geen vervanging van DAC-personeelsleden meer mogelijk is. Deze maatregel veroorzaakt dus een geleidelijke afbouw van het afgesproken contingent. Niet alleen de FOV, maar ook de vakbonden, de werkgeversfederatie en de SARC gaan hiertegen in het verweer. Bij de definitieve goedkeuring van het programmadecreet neemt de regering het artikel niet meer op.
In juni 2011 raakt het uitvoeringsbesluit dat de herverdeling regelt uiteindelijk goedgekeurd. Dit zorgt voor rechtsgrond om de herverdelingsoperatie effectief van start te laten gaan. Midden juni stuurt de administratie aan elke organisatie een brief met hierin de mededeling over hoeveel trekkingsrechten zij beschikt voor de volgende beleidsperiode.
2. VIA-middelen
In de loop van het voorbije decennium verwierven de sociaal-culturele volwassenenorganisaties bijkomende middelen op basis van de Vlaamse Intersectorale Akkoorden (VIA) die door de Vlaamse overheid en de sociale partners werden vastgelegd. Voor de uitvoering van VIA 2 betreft het middelen voor loonharmonisering, vorming, managementondersteuning en extra-verlof (voor oudere werknemers). In VIA 3 worden de middelen besteed aan uitbreidingsbeleid (bijkomende tewerkstelling), koopkrachtverhoging (met uitbouw van een tweede pensioenpijler en een eindejaarspremie) en kwaliteitsverbetering (managementondersteuning en werkdrukvermindering). De uitgaven voor VIA 3 werden gedurende de looptijd van het akkoord stelselmatig opgebouwd. Een deel van deze middelen wordt door de overheid betaald, een ander deel via het Sociaal Fonds voor de sociaal-culturele sector. In de toelichting bij de begrotingen van de Vlaamse Gemeenschap wordt de grootte van de VIA-middelen vermeld.
De opbouw van de budgetten voor het VIA 3 – akkoord loopt, wat de koopkracht en de kwaliteitsverbetering betreft, af op 31 december 2010. Voor het uitbreidingsbeleid is 2011 het laatste jaar. Het uitgangspunt is dat in 2010 opnieuw een Vlaams Intersectoraal Akkoord voor de nonprofit/ social-profit sector (VIA 4) wordt afgesloten. In de feiten blijkt dat de onderhandelingen slechts moeizaam op gang worden getrokken. Op 19 november 2010 voeren de vakbonden samen met de FOV actie tegen de besparingen bij het sociaal-cultureel volwassenenwerk en om een effectieve start van de onderhandelingen te vragen. Korte tijd later gaan de gesprekken van start, maar al snel blijkt dat de budgettaire marge van de Vlaamse regering te beperkt is om – in de ogen van werknemers en werkgevers - een behoorlijk gesprek te voeren. Op 2 februari 2011 maken de sociale partners aan de Vlaamse regering duidelijk dat zij op deze basis niet verder willen onderhandelen. Kort voor de zomer raken de gesprekken echter geleidelijk aan opnieuw op kruissnelheid.
3. Nieuwe CAO’s
De sociale partners van het Paritair Comité 329.01 besteden uiteraard veel tijd en energie aan de onderhandelingen in het kader van VIA 4. Daarnaast worden in de referteperiode nog een beperkt aantal collectieve arbeidsovereenkomsten afgesloten: een CAO van 22 februari 2011 ter bevordering van de vorming en de tewerkstelling van risicogroepen onder de werknemers, drie CAO’s rond de tweede pensioenpijler die gedateerd zijn op 1 maart 2011 en de CAO van 28 juni 2011 over vorming.
Documenten
- Voorontwerp van programmadecreet bij begroting 2011
oktober 2010 - Programmadecreet bij begroting 2011
23 december 2010 - Wijziging DAC-decreet
29 april 2011 - Uitvoeringsbesluit DAC-decreet
29 april 2011 - CAO ter bevordering van de vorming en tewerkstelling van risicogroepen onder de werknemers
22 februari 2011 - CAO tot invoering van een sectoraal aanvullend pensioenstelsel
1maart 2011 - Bijlage bij de CAO van 1 maart 2011 tot invoering van een sectoraal aanvullend pensioenstelsel
1maart 2011 - CAO tot bepaling van het percentage van de bijdragen voor het jaar 2011 voor het "sociaal fonds 329.01 tot financiering tweede pensioenpijler" en van de datum van aanvraag tot vrijstelling van de bijdragen voor het jaar 2011
1maart 2011 - CAO tot wijziging van de statuten en de benaming van het fonds voor bestaanszekerheid genaamd "sociaal fonds 329.01 tot aanvullende financiering tweede pensioenpijler"
1maart 2011 - CAO over vorming
28 juni 2011